Van weggooien naar herstellen: Thomas More pakt groeiende berg e-waste aan met Repair Café

SINT-KATELINE-WAVER, 22 april 2026 – Wereldwijd produceren we jaarlijks 62 miljoen ton elektronisch afval, ook wel e-waste genoemd. In Europa gaat het om 13 miljoen ton, en in België alleen al om 252 miljoen kilogram - meer dan 100 keer het gewicht van het Atomium. Nochtans is een groot deel van die toestellen perfect herstelbaar. Dat willen onderzoekers van Thomas More concreet aantonen tijdens het Repair Café op 29 april op Campus De Nayer. Maar als herstellen vaak mogelijk is, waarom kiezen we dan toch zo vaak voor vervangen?

Het probleem zit niet bij defecten, maar bij vertrouwen

Veel initiatieven rond elektronisch afval focussen op het moment dat een toestel stuk gaat. Volgens onderzoek binnen het Europese project ‘Ecosystems for Extended-lifetime of End-of-Use Electrical and Electronic Equipment’ (E6) ligt de doorslaggevende factor echter veel vroeger: “Het sleutelmoment voor herstel is niet wanneer een toestel stuk gaat, maar wanneer het wordt gekocht,” vertelt onderzoeker Hanne Vanmarsenille (Thomas More-hogeschool, Expertisecentrum Duurzaam Ondernemen en Digitale Innovatie). “Op dat moment vormen consumenten hun verwachtingen over betrouwbaarheid. Als een toestel later faalt, voelt herstellen vaak niet meer als de beste keuze. Het vertrouwen is weg.”

"Circulariteit begint niet bij afval, maar bij ontwerp." – Hanne Vanmarsenille, Onderzoeker Thomas More-hogeschool

Volgens de onderzoekers volstaat het dan ook niet om enkel in te zetten op herstel op het moment van defect. “Circulariteit begint niet bij afval, maar bij ontwerp,” aldus Vanmarsenille. “Als producten van bij de start gemaakt zijn om lang mee te gaan en makkelijk herstelbaar zijn, vormt herstel een logisch onderdeel van hun levenscyclus.”

Daarnaast ligt er nog een fikse uitdaging in het veranderen van de mindset van kopers. “Waarom zou iemand kiezen voor een duurder, herstelbaar product als een goedkoper toestel makkelijk te vervangen is?” zegt Vanmarsenille. “Zolang herstel niet als betrouwbaar en ontzorgend op de lange termijn wordt gezien, blijft vervangen met een goedkoper alternatief aantrekkelijker. Daarom moeten we het vertrouwen in herstel en herstellers versterken – en dat begint al bij het moment van aankoop.”

Herstellen moet weer vanzelfsprekend worden

Binnen het E6-project werken 19 partners uit 6 Europese landen aan oplossingen om de levensduur van elektrische en elektronische apparaten te verlengen. De ambitie is duidelijk: herstellen moet opnieuw een normale en vanzelfsprekende keuze worden. Daarvoor is meer nodig dan technologie alleen: het vraagt een systemische verandering, waarin producenten, retailers, herstellers en gebruikers samen een rol spelen.

“Het Repair Café laat mensen ervaren dat herstellen wél kan.” – Daiane Seibert, Onderzoeker Thomas More-hogeschool

Repair Café als praktijkexperiment

Het Repair Café op 29 april op Campus De Nayer brengt die theorie in de praktijk. Bezoekers kunnen er gratis langskomen met kapotte toestellen of fietsen. Studenten, docenten en onderzoekers van Thomas More en KU Leuven bekijken dan of herstel mogelijk is, en voeren de herstelling meteen uit. Denk maar aan een waterkoker die niet meer opwarmt, een kabel met een slecht contact of een boormachine die het niet meer doet. Zo kan je meteen terug met een werkend toestel naar huis.

Het initiatief is meer dan louter dienstverlening: “Het Repair Café laat mensen ervaren dat herstellen wél kan,” zegt onderzoeker Daiane Seibert (Thomas More-hogeschool, Expertisecentrum Technologie). “Voor studenten is het een kans om hun kennis in te zetten voor anderen. Voor bezoekers geeft het een sterk gevoel: je gooit iets niet weg, maar geeft het opnieuw waarde. Vorig jaar, toen we het voor de eerste keer organiseerden op Campus De Nayer, zagen we met eigen ogen hoe zo’n Repair Café echte impact, zowel individueel als maatschappelijk, kan creëren.”

Daarnaast biedt het event onderzoekers de kans om te observeren hoe mensen omgaan met defecte toestellen en welke drempels ze ervaren om die inzichten te vertalen naar concrete aanbevelingen voor bedrijven.

Van prijs naar waarde

Volgens het onderzoek ligt er ook een bredere economische uitdaging: “Zolang producten vooral op prijs worden vergeleken, blijven goedkope vervangproducten aantrekkelijker dan herstel. Als betrouwbaarheid, levensduur en herstelbaarheid zichtbaarder worden, verschuift die vergelijking. Dan evolueren we van een prijzenspel naar een waardeverhaal,” sluit Vanmarsenille af. “En dat is net waar Europa een verschil kan maken.”

Praktisch

Repair Café

  • Woensdag 29 april 2026, 9:00 – 17:00
  • Campus De Nayer, Jan Pieter de Nayerlaan 5, 2860 Sint-Katelijne-Waver
  • Gratis – inschrijven niet nodig
  • Bezoekers kunnen langskomen met kleine elektrotoestellen of fietsen.

Alle info via thomasmore.be/repair-cafe-29-april


Over E6

Het E6 INTERREG-project (Ecosystems for Extended-lifetime of End-of-Use Electrical and Electronic Equipment) brengt 19 partners uit 6 Europese landen samen. Het project onderzoekt hoe we via samenwerking en innovatie de levensduur van elektronische toestellen kunnen verlengen en zo de overgang naar een circulaire economie versnellen.

Alle info via de E6-projectpagina en de website van E6

Cijfers over elektronisch afval via Unitar.

Contact

Daiane Seibert

Onderzoeker, Expertisecentrum Technologie, Thomas More

Hanne Vanmarsenille

Onderzoeker, Expertisecentrum Duurzaam Ondernemen en Digitale Innovatie, Thomas More

Maureen Ranson

Communicatieverantwoordelijke Onderzoek, Thomas More Onderzoek

Media

 

 

 

 

 

Delen

Persberichten in je mailbox

Door op "Inschrijven" te klikken, bevestig ik dat ik het Privacybeleid gelezen heb en ermee akkoord ga.

Over Thomas More Research

Binnen Thomas More-hogeschool doen we aan praktijkgericht onderzoek. Hiermee ontwikkelen we nieuwe kennis, inzichten en innovatieve producten of diensten. We passen wetenschappelijke kennis toe in specifieke professionele situaties en stimuleren op die manier innovatie bij bedrijven en in de maatschappij.

Neem contact op met

research@thomasmore.be

thomasmore.be