Wie zorgt er voor de zorgverlener?
Thomas More-onderzoeker Kaat Jansen over welzijn in de zorg: "Op het einde zeiden ze: ik ben iemand anders geworden."

Je collega heeft een stevige shift achter de rug. Je ziet dat. Maar wat zeg je? Grote kans: iets geruststellends, zoals: "'t Komt goe." Of iets oplossingsgericht. Iets waarbij de babbel stopt nog voor hij begon. Psychologen noemen dat de reparatiereflex. Het is één van de stilste saboteurs van welzijn op de werkvloer. In elk team, elke sector. Maar in de zorg, waar vier op tien medewerkers zich uitgeput voelt en de helft overweegt te stoppen, kost hij veel. We praten met Thomas More-onderzoeker Kaat Jansen. Samen met docent Ann De Mey bouwde ze Team Champions Welzijn uit: een traject dat zorgprofessionals leert om beter voor zichzelf én hun team te zorgen. Dit is wat ze zagen.
Meer dan vier op tien zorgprofessionals voelen zich mentaal of fysiek uitgeput door het werk. Eén op acht loopt een hoog risico op burn-out. Met een piek bij de 25- tot 44-jarigen, de ruggengraat van de sector. Slechts de helft ziet zichzelf tot aan het pensioen in de huidige job blijven. Tegelijk staan er tienduizenden vacatures open, met voor elke vier jobs maar één kandidaat.
"Het is dweilen met de kraan open", zegt Kaat Jansen. Zij is onderzoeker bij de onderzoeksgroep Mens en Welzijn en heeft expertise in de arbeids- en organisatiepsychologie. "We proberen iemand die dreigt uit te vallen nog net op te vangen, terwijl we de oorzaken niet aanpakken. Een zieke medewerker kost makkelijk 300 euro per dag. En dan heb je hem nog niet vervangen. Maar investeren in welzijn? Dat wordt gezien als een kostenpost." Kaat pauzeert. "Terwijl het een winstpost is."
Van binnenuit
Binnen het Europese Interreg-project Samen aan Z zochten Thomas More en verschillende partners naar wat wél werkt. Niet de jaarlijkse teambuilding. Niet de fruitmand op maandag. Maar iets dat blijft hangen. Docent Ann De Mey bracht de verpleegkundige expertise, Kaat de arbeidspsychologie. Samen werkten ze het traject Team Champions Welzijn verder uit. Dat vertrekt vanuit de werkvloer: vanuit wetenschappelijk onderbouwde kennis, vertaald naar wat zorgprofessionals dagelijks meemaken. Verpleegkundigen, zorgkundigen, maatschappelijk werkers, kinesisten,… werden een jaar lang begeleid om de rol van Team Champions op te nemen in hun eigen team. Met één volledige opleidingsdag per maand en dat negen keer. En tussen die dagen door: terug naar de werkvloer, aan de slag met wat ze geleerd hadden.
De Universiteit Antwerpen onderzocht het traject via onafhankelijke focusgroepen. Wat de deelnemers zeiden, loog er niet om: "We hebben er echt veel aan gehad. We hebben een hele toolbox meegekregen waar we nog lang uit kunnen putten."
Mango's en post-its
De aanpak is heel concreet. En altijd met hetzelfde doel: sterker worden als team. Want welzijn op de werkvloer is geen individueel verhaal. Onderzoek vertelt ons dat sociale steun van collega's één van de krachtigste buffers is tegen burn-out. Wie zich gezien voelt, wie kan terugvallen op een team dat luistert en bijspringt, houdt het langer vol. Dát is waar Team Champions Welzijn ook op inzet: psychologische veiligheid, verbindende communicatie en het durven uitspreken van wat leeft. Ook als het ongemakkelijk is. Zo vroegen Kaat en Ann de deelnemers bijvoorbeeld om een SWOT-analyse van hun eigen team op te stellen, niet vanuit het management, maar van onderuit. Sommigen stuurden een anonieme vragenlijst rond. Nadien bekeek het team samen waarmee ze concreet aan de slag wilden. Ze vertrokken daarbij vanuit sterktes die ze verder wilden uitbouwen en aandachtspunten die ze hadden geformuleerd. Dit gaf het team een duidelijke richting doorheen het jaar
(Lees verder onder de foto's)
Er werd ook gewerkt aan dankbaarheid. Want ons brein is van nature gericht op gevaar. Ergens in ons oerbrein is het belangrijker om de tijger te zien dan de bloemen. Kaat liet deelnemers oefenen: drie dingen opschrijven waar je dankbaar voor bent. Niet vaag en groot, maar klein en concreet, zoals "Fijn dat jij die familie hebt opgevangen zodat ik verder kon." "Lief dat je de nachtshift overnam van mij." Kaat: "We weten dat een gevoel van waardering zo'n groot issue is in de zorg. Toch spreken we het nauwelijks uit. Noch naar collega's. Noch naar de poetsvrouw die elke dag zorgt dat alles proper is.”
Ze vertelt ook over de mango-momenten, een term die ze oppikte uit een reportage van Annemie Struyf. Annemie vraagt aan een doodzieke kankerpatiënte wat haar blij zou maken. Een mango, zegt ze. Ze gaat naar buiten, haalt er een en snijdt hem in kleine stukjes. Het gebaar was klein, maar de impact des te groter. "Hoe kun jij op jouw werkvloer zo'n moment creëren?" vroeg Kaat aan de groep. "Voor een collega. Voor een bewoner. Hoe vind jij terug dat plezier in het zorgen?" En de deelnemers herkenden het effect: "Als je dat doet, kijk je anders. Ik zie veel minder de frustraties of het negatieve."
De vrouw die leerde dansen
Als we Kaat vragen wat haar het meest bijbleef, hoeft ze niet lang na te denken. Ze spreekt over twee vrouwen. De ene liep op haar tandvlees. Slapen en werken, werken en slapen. Op de rand van een tweede burn-out. "Mijn hart brak", vertelt Kaat. "Echt." Aan het einde van het traject was diezelfde vrouw begonnen met wandelen. Had ze zelfs haar dansschoenen terug bovengehaald. "Niet voor in een discotheek op zaterdagnacht", zei ze. "Maar gewoon thuis. En ik was het helemaal vergeten. Dat ik dat graag deed."
De andere vrouw was binnengekomen met strakke schouders. "Het was iemand die altijd klaar zat voor iedereen en ondertussen vergat wat ze zelf nodig had. Iemand die het woord 'nee' niet kende. Die zich altijd verontschuldigde voor dingen waar geen sorry voor nodig was." Aan het einde van het traject zei ze: "Ik heb maar één leven. Ik ga er wat leuks van maken."
"Die gezichten", zegt Kaat zacht, "die zie ik nog altijd voor me." De focusgroepen van de UA bevestigden wat ze zag. "Ik ben helemaal open gebloeid. Ik ben ook iets mondiger geworden, in de goeie zin", vertrouwde een deelnemer toe.
(Lees verder onder de foto's)
Ook de muren tellen mee
Welzijn zit trouwens niet alleen in mensen. Het zit ook in de ruimte rondom hen. Parallel aan het traject onderzocht Thomas More-onderzoeker Fien Buelens daarom welke omgevingsfactoren invloed hebben op hoe zorgprofessionals zich voelen: licht, geluid, temperatuur, luchtkwaliteit, geur,… De resultaten werden verwerkt in een gratis beslisboom die iedereen online kan raadplegen.
"In een rusthuis is het vaak te warm, want bewoners liggen stil en hebben het snel koud. Maar de zorgverlener staat de hele dag te bewegen", legt Kaat uit. "Die warmte telt op bij het achtergrondlawaai, de kunstmatige verlichting. Het zijn druppels in een emmer. Op een gegeven moment loopt die over." De beslisboom helpt begrijpen welke druppels er zijn. En wat je er zelf aan kan doen.
Let us grow
Aan het einde van het traject kreeg elke deelnemer een klein plantje mee. Met de quote: Let us grow. "Je moet zorg dragen voor dat plantje", zegt Kaat. "Geef je het geen water, dan sterft het. Dat is precies hoe het werkt met welzijn. Het groeit niet vanzelf."
Verschillende Team Champions Welzijn richtten intussen een werkgroep Welzijn op binnen hun organisatie. Anderen namen nieuwe rollen op: referentiepersoon, werkgroeplid en soms zelfs leidinggevende. Ze bleven doen wat een Team Champion doet: "positiviteit in het team brengen en het team wakker houden."
En het mooiste compliment dat Kaat kreeg? "Het traject heeft me anders leren denken." Misschien is dat wel de kern. Niet alleen voor wie in de zorg werkt. Want die reparatiereflex, dat plantje dat water nodig heeft, die collega met de zware shift,… ze leven in elk team, elke sector. In de lerarenkamer. Het kantoor. De restaurantkeuken. Door jezelf en je noden beter te leren kennen, weet je ook wat helpt. Voor de ene is dat een wandeling op de middag. Voor de andere tien minuten stilte, een babbel of in de zon gaan staan. Drie dingen opschrijven waar je dankbaar voor bent. Of gewoon: die collega eens écht aankijken. Vragen hoe het gaat om dan even te zwijgen. Dus nee, het hoeft geen mango te zijn. Kleine stukjes naar keuze zijn voldoende en vallen altijd in de smaak. Voor jezelf én voor de ander.
Zelf aan de slag?
In september 2026 start Thomas More een nieuwe reeks Team Champions Welzijn in Antwerpen. Zes volle dagen, gespreid over zes maanden en in kleine groep. Alle zorgprofessionals zijn welkom: verpleegkundigen, zorgkundigen, maatschappelijk werkers, kinesisten, artsen.
>>Schrijf je hier in.
.jpg)


.jpg)

